Versie 23 juni 2021

Doel

Het waterschap beschermt inwoners en bedrijven tegen overstromingen en de gevolgen van overstromingen (schade en slachtoffers) vanuit de rivieren de Nieuwe Maas, Lek en Hollandse IJssel en de boezemwateren op een duurzame, kostenefficiënte manier in nauwe samenwerking met waterpartners en de omgeving, waarbij het gebruik van de keringen door anderen nadrukkelijk wordt meegewogen.

Wat doen we?

Het waterschap beschermt bewoners en bedrijven tegen overstromingen vanuit de rivieren de Nieuwe Maas, de Lek en Hollandse IJssel en de boezemwateren zoals de Rotte en de Ringvaart. Samen met de waterpartners en de omgeving maken we de kans op overstromingen klein. Dat doen we door de dijken en de kades (waterkeringen) zo te onderhouden en te verbeteren dat deze ook bij extreme omstandigheden (storm, hoogwater en golven) het water tegenhouden.

In totaal beheert het waterschap 369 kilometer waterkering, waarvan 71 kilometer primaire waterkering (bescherming tegen rivierwater) en 206 kilometer regionale waterkering (bescherming tegen boezemwater). We houden de waterkeringen in goede staat.

We zorgen dat de waterkeringen voldoen aan de gestelde (veiligheids)eisen, ook als die later veranderen. We controleren of de dijken stevig zijn en blijven en lossen eventuele problemen op. Bij een dijkversterking zijn we betrokken. Andere mensen, bedrijven en overheden zijn medegebruikers van de dijken. Ook hun belangen houden we goed in de gaten, maar veiligheid staat voorop.

De eisen waaraan de dijken en kades moeten voldoen, liggen vast in een legger. We toetsen de dijken en kades regelmatig om te kijken of ze nog aan deze eisen voldoen. Vanwege het grote belang voor de veiligheid stellen we eisen aan het (mede)gebruik van de waterkeringen. Wat wel en niet mag staat in de keur. Door toezicht te houden op het gebruik van de keringen zorgen we ervoor dat dit gebruik de keringen niet aantast.

Een bijzondere taak blijft het muskusrattenbeheer. Muskusratten graven uitgebreide gangenstelsels in dijken en oevers en vormen daardoor een bedreiging voor de waterveiligheid. Het beheer van muskusratten is daarom een wettelijke taak van de waterschappen. Om dit effectief te doen werken we samen met andere waterschappen in West- en Midden Nederland. De bestrijdingsstrategie die wordt gehanteerd is gericht op het terugdringen van muskusratten tot de landsgrens binnen 10 tot 15 jaar.

Waarom werken aan veilige dijken?

Ons beheersgebied ligt in de delta van de Rijn en de Maas. De waterkeringen langs de Lek, de Hollandsche IJssel en de Nieuwe Maas beschermen het gebied tegen overstroming. Zonder de aanwezige dijken is het niet mogelijk in dit deel van Nederland te leven. We moeten goed opletten dat de dijken niet worden beschadigd door mensen of omstandigheden. Goed toezicht op activiteiten en tijdig ingrijpen zijn van groot belang.

Wij staan ervoor dat iedereen in ons gebied zonder angst voor schade kan wonen, werken en recreëren.

Het Rijk wijst de ‘primaire waterkeringen’ aan, oftewel de dijken die het gebied beschermen tegen rivierwater. Daarnaast kennen we ‘regionale waterkeringen’: dijken of kades die het gebied beschermen tegen overstromingen vanuit de zogeheten boezemwateren, zoals de Rotte en de Ringvaart. Dit zijn de wat bredere wateren in ons gebied die zorgen voor aan- en afvoer van water uit de sloten. De provincie wijst deze regionale keringen aan. Het waterschap is verantwoordelijk voor het beheer en het onderhoud. De overige keringen met een kleiner belang wijzen we zelf aan.

Hoe zorgen voor veilige dijken?

We observeren onze dijken voortdurend. We onderhouden ze, keuren ze periodiek en bepalen of er aanvullende maatregelen (ophoging of versterking) nodig zijn. Zo ja, dan voeren we dat uit.

In bijzondere situaties als droogte en storm zijn we extra alert en komen direct in actie.

Dagelijks houden we de toestand van de dijk in de gaten. Speciaal getrainde inspecteurs doen ook metingen met geavanceerde meetapparatuur.  In het voor- en najaar doen we een grote inspectie en herstellen eventuele schade, zodat de waterkeringen klaar zijn voor het winterseizoen (stormseizoen). Daarnaast berekenen we regelmatig of de dijken nog aan de eisen voldoen. Iedere vier jaar meten we de hoogte van de waterkeringen en iedere twaalf jaar toetsen we of ze nog aan de normen voldoen, zoals voldoende stabiliteit. Hierbij nemen we alle mogelijke manieren onder de loep waarop een waterkering zou kunnen bezwijken.

Met al deze informatie voeren we 'dagelijks onderhoud' uit. Denk aan het maaien van de grasbekledingen en het herstellen van schades. Ook voeren we zo nodig groot onderhoud uit om bijvoorbeeld de dijk weer te verhogen of als deze op een andere manier niet meer aan onze veiligheidseisen voldoet. Dit kan klein onderhoud zijn, zoals het verhelpen van een lekkage, maar ook een kade- of een dijkverbetering. Dit zijn vaak ingrijpende projecten, met grote gevolgen voor de omwonenden. Daarom betrekken we de omgeving hier intensief bij.

Alle gegevens over onze waterkeringen en wat zich daar in en op bevindt, staan in ons digitale beheerregister met behulp van een geografisch informatiesysteem (GIS). Hier vind je alle relevante informatie, variërend van bouw- en ontwerptekeningen tot grondonderzoekgegevens.

Daarnaast houden we de regels voor onze dijken goed op orde, zodat we niet willekeurig besluiten en maatregelen nemen en plannen opstellen.

Wanneer zorgen we voor veilige dijken?

We werken het hele jaar aan de waterkeringen. Het beheren en onderhouden van dijken en kades wordt dagelijks uitgevoerd. Het maaien van de dijken gebeurt twee maal per jaar. Een kade wordt gemiddeld ongeveer eens in de tien jaar opgehoogd. Dit is nodig omdat in ons gebied de bodem vooral uit veen bestaat, waardoor bodem daalt en de kades dus ook zakken. Afhankelijk van de snelheid van de zakking komen we eerder of later terug.

Als bij een 12-jaarlijkse inspectie blijkt dat primaire en regionale waterkeringen niet aan de eisen voldoen, worden daarvoor de benodigde maatregelen ingepland en uitgevoerd.

Met wie zorgen we voor veilige dijken?

Om al het werk aan de waterkeringen goed te kunnen uitvoeren, maken we gebruik van verschillende specialisten in onze organisatie. Bij steunpunt Zuidbroek worden materialen en materieel opgeslagen dat nodig is voor het beheer van de wateringen.

We beheren de waterkeringen samen met gemeentes, maar ook met alle aangrenzende perceeleigenaren. We streven ernaar om overlast voor omwonenden zoveel mogelijk te beperken. Goede communicatie en samenwerking is van groot belang.

We werken ook veel samen met medewerkers van gemeentes, andere waterschappen, Rijkswaterstaat en de verschillende bedrijven die werkzaam zijn in dit vakgebied. Zo kunnen we werkzaamheden en onderhoud uitvoeren met de meest moderne technieken en innovaties.

Voor het uitvoeren van specifieke klussen maken we gebruik van ingenieursbureaus en aannemers. Bijvoorbeeld bij dijkversterkingen, het (groot) onderhoud van de dijken en kaden en het maaien van de dijken. We hebben ook overeenkomsten met aannemers om in onverwachte situatie (dreigende calamiteiten) snel te kunnen handelen.